Biografie JP Den Tex

 

“JP den Tex is één van Nederlands meest begenadigde singer-songwriters. Hij is als de wijn die met het klimmen der jaren alleen maar beter wordt. De eeuwige zoeker die zichzelf opnieuw probeert uit te vinden.”(OOR)

JP (Arnhem, 17-02-1950)Screen Shot 2015-04-05 at 22.02.47 waagde zich in de vroege zeventiger jaren als één der eersten aan een originele Nederlandse adaptatie van Amerikaanse countryrock. Wat ze tegenwoordig “Americana” noemen, zat hem blijkbaar in het bloed. Geïnspireerd door o.a. Neil Young, Traffic en The Band verscheen in 1971 het spraakmakende album “Little Heroes” van de Bergense groep Tortilla, waarvan ook zijn zingende broer Emile deel uitmaakte.

Via deelname aan allerlei bands – waarvan Vitesse de bekendste was – belandde JP aan het begin van de jaren tachtig bij de platenmaatschappij van Radio Luxemburg. Daar begon zijn  carrière als singer/songwriter. “Heartbeat” (1980) was het eerste, rootsy resultaat van wat uiteindelijk een reeks heel persoonlijke albums zou worden. Na verloop van tijd begon JP het zeventiger jaren concept van het conceptalbum nieuw leven in te blazen. Geslaagde voorbeelden daarvan zijn “A Quiet Street In Paris” (1986), “Emotional Nomads” (1998), of de muzikale reisreportages “Bad French” (2007) en “American Tune” (2009). Tevens ontwikkelde JP zich – onder meer door succesvolle uitstapjes in het theater, waaronder de theatertoer “Op Weg Naar Huis” met Kees Prins en Paul de Munnik (2007) – op het podium tot een boeiend verhalenverteller. Waardoor tegenwoordig óók de bij de verhalen horende liedjes nog aan kracht gewonnen lijken te hebben.

Na het intieme “Speak Diary” (2011) brengt JP Den Tex nu na 6 jaar weer een nieuw studio album uit. “Wolf!” behelst het wonderlijke verhaal van de Duitse pop-producer Gustav Wolfowitz, die van de ene op de andere dag zijn New-Yorkse glitter imperium verliest, doordat hij zijn vermogen in de handen van onbetrouwbare anderen heeft gelegd. Met de muziekbusiness gaat het slecht, hij is net zevenenvijftig geworden en zijn zoveelste relatie is op sterven na dood… “Wolf” verklaart zichzelf failliet en belandt tussen de zwervers en straatmuzikanten rond spoorwegstation Grand Central Terminal: hij heeft alleen nog zijn akoestische gitaar, zijn stem en zijn muts.  Daar begint zijn hernieuwde kennismaking met die (andere) ‘American Dream’. Over dromers die het nooit zullen maken, maar toch blijven dromen, en zo het Grote Verlangen in leven houden.  En daarmee de wereld draaiende…

De andere 2 muzikanten op deze – puur akoestische – cd zijn de Nijmeegse gitariste/mandolinespeelster Yvonne Ebbers en de Amerikaans-Nederlandse violist Diederik van Wassenaer, woonachtig in Nashville. Vanaf februari 2018 zal het drietal 6 weken door Nederland toeren. Boekingen via JP’s management.


Recensies

Nieuwsblad vh Noorden & Altcountry.nl , oktober 2009

American Tune

De Amerikaanse droom, bestaat die nog? Dat vroeg JP den Tex zich af. Na de theatertournee getiteld Op Weg Naar Huis met Paul de Munnik en Kees Prins was het blijkbaar weer tijd om naar elders te reizen. American Tune (Comme Les Chansons/Bertus) is na Bad French uit 2007 het tweede deel van wat een Amerikaanse reisroman in liedjes wordt genoemd.
Meer specifiek gaat het over een Europese schrijver die van New York naar San Francisco reist in een gehuurde rode Toyota. Ergens onderweg pikt hij de Russische Elena op, een voormalig escortmeisje uit Brighton Beach in Brooklyn, die droomt van een nieuw leven in Californië. De Amerikaanse droom wordt niet ontrafeld, maar de schrijver leert wel meer over zichzelf en de eenzaamheid. Dat alles komt langs in elf imponerende liedjes, overtuigend gezongen door Den Tex, overigens een naam op jaloers op te zijn, maar dit geheel terzijde. Uitstekend begeleid door Yvonne Ebbers (gitaren, mandoline, zang) en Leon Klaase (drums, toetsen, percussie) liggen er muzikale lijntjes naar Little Feat, JJ Cale, Lou Reed en Ry Cooder. When I’m Down gaat over de kracht en onmogelijkheid van liefde en Den Tex zingt er net wat hoger dan op de rest van het album, het nummer begint met een funky gitaar. Mon Désir Noir is net zo sfeervol als de titel belooft. Daarna gaat het van het Daniel Lanois-achtige Down & Out In Phoenix naar het bluesy Un Amour Fou A San Francisco. Na de door JP den Tex geschreven nummers doet de bonustrack We’ll Sleep Out The Ashes nogal overbodig aan. Sterker nog, die cover klinkt opeens nogal gewoontjes. Met Yvonne Ebbers trekt JP op dit moment langs de Nederlandse theaters met American Tune als roadmovie op het toneel.

John Gjaltema


Fret, december 2009

American Tune

Een Europese schrijver gaat op zoek naar het raadsel van de Amerikaanse Droom – en vindt zichzelf! Singer-songwriter JP den Tex doet verrassende ontdekkingen tijdens zijn reis van de Big Apple naar San Francisco en vertelt hierover op “American Tune:. De cd is een vervolg op “Bad French” (2007). In deel 2 van zijn reisroman-in-liedjes klinkt zijn stem nog doorgewinterder. Zijn sporen heeft JP al in de jaren zestig en zeventig verdiend. Met zijn bands Turqoise en Tortilla probeerde hij als een van de eerste Nederlanders de Amerikaanse countryrock uit. Nu is zijn interesse voor “Americana” terug en hoe: zijn doorgewinterde stem en ongewassen bluesrock met tientallen flash-backs naar vervlogen decennia geven zijn muziek meer dan ooit een authentieke sound.

Rosanne de Boer

 


HEAVEN, 2011

Speak Diary, (Cavalier Recordings)

Zeer geslaagde zoektocht.
Op Speak Diary gaat JP Den Tex via zijn dagboek op zoek naar zijn verleden: Speak, diary come on speak, maar zijn dagboek blijkt niet altijd even betrouwbaar: Memory plays its tricks round every corner. Daarom moeten de songs – oude en gloednieuwe – het verhaal vertellen, zoals het prachtige In This Room van Little Heroes (1971) van zijn groep Tortilla, een van de betere nederpopalbums. Den Tex nam het opnieuw op in een compleet ander arrangement, maar nog steeds even mooi. De demo Sad Song In Your Mind uit 1973 krijgt hier zijn definitieve, prachtige uitvoering. Ook de nieuwe liedjes, waaronder de geweldige titelsong zijn erg goed en zo kan Speak Diary als een mooie, gevarieerde bloemlezing uit zijn carrière gezien worden met prachtige songs als My Private Rembrandt, The Year Of The Gigolo en het meertalige Olanda Ti Amo. Een pluim ook voor zijn uitstekende begeleiders op dit sterke album, het is één van zijn beste.

Frits Barth

 


Nu.nl, 2011

Speak Diary

Na een muziekcarrière van een slordige veertig jaar laat Hollands countrynomade JP den Tex op zijn nieuwste plaat zijn liedjesdagboek spreken in een poging enig licht te scheppen in zijn verleden. Het levert een mooi reflectief album op.

Met opener En Roulant (La Vie C’est La Vue) wordt direct duidelijk dat zijn leven een bestaan op reis is. Die tocht wordt vervolgens gedocumenteerd door muzikale souvenirs die soms vers geschreven zijn, soms ook dateren uit bijvoorbeeld ’94 (The Year Of The Gigolo) of zelfs ’74 (Sad Song In Your Mind).

Gezien de thematiek van de schijf hoeft het niet te verwonderen dat veel van de dertien nummers in het teken staan van terugkijken: naar de plekken van de jeugd in Teenage Town Revisited en I Don’t Want To Live Here, naar een oude liefde in The Greatest Love Song (In The World).

De ingetogen, enigszins mompelende zangstem van Den Tex past prima bij het beschouwende karakter van de teksten, hoewel je jezelf daardoor af en toe wel een beetje moet inspannen om ze te kunnen verstaan. Het loont echter de moeite, want ze zijn subtiel en goed overdacht.

Sprankelend

Ook zijn begeleidingsband (gitaarspeelster Yvonne Ebbers, trommelaar Leon Klaasse en bassist Arnoud van den Berg) kwijt zich uitstekend van zijn taak en brengt de ambachtelijke stukken sprankelend tot leven.

Rode draad daardoorheen blijft de Hollandse ziel van Den Tex, die deze collectie dan ook afsluit met de lofzang Olanda Ti Amo, in drie talen door elkaar – en ook dat is typisch Nederlands.

 


Nederlands Dagblad, 2013

Storyteller, live at Le Perron

JP (aanvankelijk nog Jan-Piet) Den Tex speelde al americana toen die term in de Verenigde Staten nog moest worden uitgevonden. Hij is geen man voor bands, maar ontwikkelde zich tot een rasverhalenverteller, in het Engels, Frans, soms in het Nederlands; man met gitaar boeit, vermaant en vermaakt. Vanaf de jaren tachtig heeft Den Tex gebouwd aan een mooi oeuvre als singer/songwriter. Dit najaar publiceerde uitgeverij In De Knipscheer zijn eerste boek Morgen Wordt Het Beter, waarin JP met weemoed en ironie terugkijkt op zijn jongere jaren. Gelijktijdig verscheen de cd Storyteller – Live at Le Perron waarop veertien liedjes en drie verhalen staan, live uitgevoerd in november 2012 in Amsterdam. De uitgave is mooi verzorgd, met uitvouwhoes en een boekje met tekst en verhaal. Luister naar ‘Italian Love’, ‘Angela’, ‘Like A Spanish Blues’, ‘Amsterdam Harbour Suite’ en ‘A Country Boy From Groningen’ of ‘Muddy Waters On The Radio’ en ‘Life Without Television’.

(HV)

 


Trouw, 2013

Storyteller, live at Le Perron (Cavalier Recordings)

Lang voordat de term singer-songwriter in zwang kwam, was hij het al. En jaren voordat het etiket bestond, zong hij al ‘americana’: JP Den Tex, ruim veertig jaar actief in de popmuziek. Nooit heeft hij de roem mogen smaken van zijn Bergense dorpsgenoot Thé Lau,  met wie hij in 1968 in de rockgroep Turquoise debuteerde. Wellicht brengt ‘ Storyteller’, de live-cd waarmee Den Tex zondag in Paradiso een uitgebreide toernee start, daar verandering in. Den Tex liet zijn band thuis en, solerend met gitaar voor een intiem zaal, luister je naar een geweldige verhalenverteller en indringend performer. Zijn karakteristieke stem, slordig articulerend maar met grote expressie, meandert telkens tussen melancholie en ironie. Hij verhaalt van verloren liefdes (‘Angela’, ‘Maddalena’ ), diept jeugdherinneringen op (‘Teenage Town Revisited’) en brengt een koesterende ode aan Amsterdam (‘Harbour Suite’). Met zijn gedrevenheid is Den Tex een oorspronkelijke ziel gebleven die een breder gehoor verdient.

Stan Rijven

 


 

 

Recensie Wolf! – Cavalier Recordings CR 255618 – april 2017

Romanticus pur sang.

De archetypische singer-songwriter JP den Tex is bezig aan mooie jaren: op het intieme livealbum Storyteller doorliep hij zijn songs, na de sterke albums Bad French, American Tune en Speak Diary.

Tijdens de optredens voor die alternatieve verzamelaar vertelde hij met veel gevoel autobiografische anekdotes. Die vormden ook daarvoor al de leidraad voor muzikale theatervoorstellingen, die hij baseerde op zijn albums. Daarin reisde hij rond door de VS én zijn fantasie, net als op bijvoorbeeld Emotional Nomads.

Ook de dertien songs op Den Tex’ veertiende vormen een sterke thematische eenheid.

Begeleid door de al een jaar of tien niet van zijn zijde wijkende gitariste Yvonne Ebbers en de in Nashville wonende Nederlandse fiddlespeler Diederik van Wassenaer bezingt hij opkomst en ondergang van een fictieve Duitse popproducer die in New York zijn rijkdom verliest en tussen de straatmuzikanten terecht komt.

Diens ongevraagd nieuw verkregen leven (en dat van Den Tex) vallen muzikaal en tekstueel samen: Bankrupt Today, Money, Money (Je m’en fou) en Beatnik Americana zijn even kenmerkend voor de gevallen producer als voor Den Tex’ levenshouding. Ook Ebbers en Van Wassenaer krijgen rollen toebedeeld in een door hem vast vormgegeven vertelling over geld en succes versus liefde en waarachtigheid.

De slechts met twee gitaren en regelmatig terugkerende fiddle gespeelde songs wisselen trefzekere countryinvloeden af met rijke singer-songwritermelodieën. Door de uitgekiende arrangementen en Ebbers’ effectieve  tweede stem is de direct klinkende sound afwisselend en helder, waardoor Den Tex’ even emotionele als ware zang terecht centraal staat.

****

Ruud Heijjer (recensent van Heaven en Kippenvel)


Wolf!
Music Maker – mei 2017

Nederlandse Americana, het lijkt een contradictio in terminis. Maar JP (Jan Pieter) Den Tex behoort tot de songwriters die bewijzen, dat je niet uit de VS hoeft te komen om te overtuigen in het genre. Hij pakt het ambitieus aan door van Wolf! een concept album te maken. De songs volgen de Duitse producer Gustav Wolfowitz, die de waarde van geld nog eens overdenkt (nadat hij door slechte financiële keuzes zijn vermogen verloren heeft). In het dunne verhaal zitten uiteraard wat levenswijsheden en liefdesperikelen verweven, maar Wolf! overtuigt vooral dankzij enkele sterke teksten (“We were blessed until the music died… And became a business overnight) en de spaarzame, sfeervolle omlijsting van gitaren, mandoline viool en niet veel meer. Luisterend naar de Leadbelly-cover In The Pines en JP’s eigen songs zou je niet direct geloven dat ze van een Nederlander afkomstig zijn. En dat is in dit genre het grootste compliment denkbaar.

****
Dominique van der Geld


Wolf!

Jazzism – mei 2017

Als gekend verhalenverteller is het niet verwonderlijk, dat zijn eerste studioplaat sinds 6 jaar – de concertregistratie Storyteller/Live@lePerron niet meegerekend – een conceptalbum is geworden. Lijdend voorwerp van deze verzameling zelfgeschreven songs (Leadbelly’s klassieker In The Pines daargelaten) is ene Gustav Wolfowitz (Wolf!), een schatrijke Duitse producer die door onverstandig financieel beleid van de ene op de andere dag blut is, zijn relatie ziet stranden, als straatmuzikant de kost moet verdienen en aldus kennis maakt met de keerzijde van de American dream. Een ideale basis voor fraaie, in Americana gewortelde liedjes, die mede door vaste compagnon Yvonne Ebbers (gitaar, mandoline) en de in Nashville Tennessee wonende Amerikaans/Nederlandse violist Diederik van Wassenaer ingekleurd worden. Daarbij blijft de verhouding tussen verstilde romantiek en uptempo meezingers mooi in balans. Een overtuigend bewijs dat Jan Pieter het nog steeds in de vingers heeft.

****

Marcel Haerkens


 Boek

“Morgen Wordt Het Beter” , 2013

“Het proza van JP Den Tex is net zo onopgesmukt als de liedjes op cd.” – Bernard Hulsmanboek

Over “Morgen Wordt Het Beter” in de NRC van 11 januari 2014…
“Niet de Eerste maar de Tweede Wereldoorlog duikt op in “Morgen Wordt Het Beter”, het
schrijversdebuut van de singer-songwriter JP Den Tex. In “Fantoompijn”, één van de langere
verhalen in zijn debuut, beschrijft hij hoe zijn moeder als meisje de oorlog doorkwam. Haar zus
kreeg bijna een verhouding met een Duitse officier,die zich na zijn afwijzing uit verdriet aanmeldde voor het Oostfront en in 1943 sneuvelde. In ander verhalen haalt JP den Tex herinneringen op aan zijn ouders of aan zijn liefdes. Zoals de onmogelijke Cléo die hij achterna reist naar Sicilië om daar te horen dat ze met een Italiaan gaat.Het proza van JP Den Tex is net zo eenvoudig en onopgesmukt als de liedjes op de cd die bij het boek is gevoegd.Twaalf liedjes
bevat de cd en elk liedje is verbonden met een verhaal.”

 


 

Morgen Wordt Het Beter – recensie op Literatuurplein

door Ezra de Haan (Schrijver, dichter en journalist)

 

I’ve been around the world my love

Muziekliefhebbers verbaast het al jaren dat Bob Dylan de Nobelprijs voor literatuur nooit heeft mogen ontvangen. Wie zich over zijn teksten buigt, merkt meteen dat de literatuur ervan af druipt. En hij is niet de enige popmusicus die weet wat tekstschrijven is. Randy Newman, Leonard Cohen en, om het dichter bij huis te houden, Ernst Jansz kunnen er ook wat van. Cohen en Jansz hebben niet voor niets ook prachtige boeken op hun naam staan.

JP den Tex behoeft als singer-songwriter nauwelijks introductie. Hij maakte naam als songwriter van de band Tortilla in 1971 met het album Little Heroes. In 2007 trad hij met Kees Prins en Paul de Munnik op tijdens de theatervoorstelling Op weg naar huis. Los daarvan verschenen vele albums en typerend daarvan was de American Tune. ‘Americana’ noemt de vakman dat. Waar al die decennia de nummers vandaan kwamen, welk verhaal erachter zit, doet JP den Tex uit de doeken in zijn literaire debuut Morgen wordt het beter. Die songs zijn ook, dankzij de bijgeleverde cd, te beluisteren als je over hun ontstaan leest. Een haast ideale combinatie: je hoort de muzikant zingen terwijl je zijn verhaal tot je neemt.

Tegeltjeswijsheid kan iemand op het juiste spoor brengen, blijkt uit een van de verhalen van Den Tex. In de nalatenschap van zijn ouders zat letterlijk een tegel. De tekst ‘Voor wie werkelijk zijn verleden begrijpt, staat de toekomst net zo vast als zijn verleden.’ Als songwriter gaat JP ermee aan de slag en snapt direct dat ook het omgekeerde waar moet zijn. Hij gaat op zoek naar ‘inzicht in de koudeput van mijn puberteit’ en ontdekt samen met de lezer hoe zijn leven gelopen is.

Den Tex’ proza leest soepel en is opvallend eerlijk. In het verhaal ‘Van de hemel in de hel’ lezen we over de start van zijn carrière. Hoe hij Slavische talen ging studeren omdat het de mogelijkheid bood op zichzelf te gaan wonen en ‘tussen de studeerbedrijven door verder te gaan met gitaar spelen en liedjes schrijven.’ Want daar, dat had hij inmiddels al lang besloten, wilde hij zijn beroep van maken.

In dezelfde periode leert hij Josephine kennen, ‘een soort van stoere, hoofse schoonheid, met zeer lang, dik blond haar, dat in voluptueuze strengen achterop haar witleren jasje viel. Hoge hakken, natuurlijk. Plus heldere, sprekende blauwe ogen waarin zich in de verste uithoeken een spoor van luie melancholie leek te verstoppen.’ Ze is zijn eerst grote liefde en vormt de basis voor het nummer ‘The Greatest Love Song In The World’. Zo inspirerend als ze was, zorgt ze er ook voor dat Den Tex’ leven anders loopt dan gedacht. ‘Op zoek naar mijn toekomstige plek in de rock ’n roll, was ik per ongeluk met mijn lange haar in een kroonluchter blijven hangen.’

En er gaat meer mis. Zijn broer, tot dat moment de voorman en zanger van de band, stopt ermee, vlak voor de release van een plaat, Josephine is bevallen van Darling en de omgeving oefent de nodige druk uit op JP. ‘Laat die muziekdroom nou voortaan maar een leuke hobby zijn.’ Als hij wilde kon hij immers nog steeds advocaat worden… Den Tex verkoopt zijn hele muziekinstrumentarium en daarmee lijkt de storm even te luwen… al wordt de muzikant aardig depressief van de ontwikkelingen. Geen wonder als je als bijrijder bij de ambulancedienst de kost moet verdienen. Eigenlijk zou je tijdens het lezen Den Tex’ ‘Sad Song In Your Mind’ moeten draaien.

There’s a lonely wind a-blowing

And it’s whispering all the time

No matter where you’re going

You can’t escape the sad song

In your mind…

Heerlijk aan Morgen wordt het beter zijn de beschrijvingen van het verleden. Wie het heeft meegemaakt herkent het maar al te goed. Neem dit stukje over de jaren zestig.

‘Ik liet inmiddels mijn haren groeien en was fan geworden van The Loving Spoonful, een op dat moment weinig courante Californische popgroep, wiens single What A Day For A Daydream mij recht in de dromersziel had geraakt. Ook zij waren buitenbeentjes van nature: tegendraads, maar zeker niet revolutionair, belichaamden zij het overal-en-nergens-bij-horen dat zo typerend voor mij was. Ik nam hun kleding en maniertjes dan ook moeiteloos over.’

Of, nog verder terug in de tijd, als JP over Elvis Presley schrijft.

‘De eerste keer dat Amerikaanse popmuziek een rol in mijn leven ging spelen was op mijn twaalfde, door toedoen van een zomers hitsingletje van Elvis Presley. Reden: ik werd er vrolijk van! Ik hoorde het liedje toevallig op de radio en vond het meteen ‘een lekker Hawaïiaans nummertje’. Dat Elvis vaak Hawaï-shirts droeg in die dagen, zal er vast mee te maken hebben gehad. Hoe het ook zij, sindsdien hoorde Elvis wat mij betreft dus bij Honolulu en nooit meer bij Memphis, Tennesee, waar hij eigenlijk vandaan kwam.’

En tot slot de magie van het voor het eerst draaien van een elpee, in dit geval van Neil Young…

‘Buiten adem mijn kamer binnenstormend heb ik de schijf vinyl uit de hoes gehaald en met trillende vingers op de draaitafel gelegd. Vervolgens heb ik ( de versterker stond nog aan) het pookje van de tweedehands pick-up voorzichtig laten zakken. Na enige aarzelend aanvangsgekras kwam de muziek luid en krachtig door: het jankende, ongecontroleerd zwalkende sologitaar van het intro van Cinnamon Girl, Neil Young in heel zijn goddelijke eenzaamheid. De volgende drie minuten stond ik als aan de grond genageld. ‘Everybody Knows This Is Nowhere’. Het was alsof ik eindelijk weer thuis was gekomen.’

JP den Tex is een echte verhalenverteller. Als singer-songwriter deed hij dat tot nu toe in liedjes. Het verhaal werd teruggebracht tot de essentie, tot een klein bestand, en de muziek deed de rest, die vulde de details moeiteloos in. Dezelfde verhalen krijgen in Morgen wordt het beter alle ruimte en worden liefdevol en met aandacht verteld. JP den Tex maakt duidelijk dat niet alleen Amerikanen de blues hebben. Dat typisch Amerikaanse hutje op de omslag van het boek waarvan je verwacht dat Leadbelly, Blind Lemon Jefferson of Robert Johnson er moeten hebben gewoond, staat gewoon hier in Holland. Maar de verhalen in de bundel dragen wel degelijk de weemoed van de blues. Hollandse blues in een meesterlijke verhalenbundel.